Termen radioreclame
BOODSCHAPPERS
Dit zijn huisvrouwen die deel uitmaken van een gezin èn huisvrouwen die tevens hoofdkostwinnaar zijn. De huisvrouw kan overigens ook een man zijn.
BRUTO BEREIK
Percentage van de doelgroep die tenminste één keer met de reclameboodschap is geconfronteerd inclusief overlapping. Het bruto bereik wordt berekend door het netto bereik te vermenigvuldigen met de gemiddelde contactfrequentie.
BUSINESS-TO-BUSINESS
Deze doelgroep is opgebouwd uit directeuren, eigenaren, managers of hogere employees in de leeftijd 25 tot 60 jaar. Deze personen moeten minimaal 25 uur per week in deze functie werkzaam zijn.
CAMPAGNE
Mix van reclame-uitingen, die gedurende een bepaalde periode gecommuniceerd wordt middels één of meerdere media.
CLO
De afkorting voor het Continu Luisteronderzoek dat uitgevoerd wordt door onderzoeksbureau Intomart
DEKKING
Het aantal personen van een doelgroep dat men bereikt, gerelateerd aan het totaal aantal personen in deze doelgroep.
DIRECT RESPONSE RADIO
De mogelijkheid om voor de consument onmiddellijk te reageren na het horen van een commercial. In een commercial laat men telefoonnummers, postbusnummers of E--mailadressen horen om zo een directe reactie van de luisteraar uit te lokken.
DOELGROEP
Het publiek dat men met de reclameboodschap wil bereiken. Veelal omschreven met behulp van sociale en demografische variabelen als leeftijd, geslacht, sociale klasse etc. Standaard doelgroepen zijn bijvoorbeeld: Totaal 10 jaar en ouder, Boodschappers 20-49 jaar, Business-to-Business, Welstandsklasse AB1 20-49 jaar en Studenten.
EVALUATIE
De berekening van het behaalde resultaat na een reclamecampagne. Het resultaat kan worden uitgedrukt in netto bereik, gemiddelde contactfrequentie, gemiddelde luisterdichtheid en bruto bereik.
GRP
De afkorting voor Gross Rating Point en staat voor één reclamecontact met één procent van de doelgroep. Wordt berekend door het netto bereik te vermenigvuldigen met de gemiddelde contactfrequentie.
GEMIDDELDE CONTACTFREQUENTIE
Het aantal keer dat een luisteraar gemiddeld geconfronteerd wordt met een bepaalde commercial (G.C.F.).
GEMIDDELDE LUISTERDICHTHEID
Het percentage personen (uit de gehele populatie of doelgroep) dat gemiddeld per kwartier in een bepaald tijdvak naar een zender luistert.
KOSTEN PER GRP
De gemiddelde kosten voor het bereiken van één procent van de doelgroep met één commercial. Vergelijking hiervan vindt plaats op basis van een twintig seconden commercial.
LUISTERDICHTHEID
Dit is het gemiddeld bereik van het medium radio. Om deze te meten wordt gebruik gemaakt van de zogenaamde dagboekmethode. Bij deze methode wordt aan de respondenten gevraagd om in een schema de kwartieren van de dag aan te geven waarop de radio aanstond en zo ja, op welke zender. Een kwartier telt mee bij een minimale beluistering van acht minuten.
MARKTSEGMENTATIE
Het opdelen van de markt in groepen mensen met dezelfde demografische, sociale en/ of psychografische kenmerken.
MEDIAMIX
De samenstelling van mediumtypes die deel uitmaken van de totale campagne. Naast de soorten ingeschakelde mediumtypes worden ook de volumes hiervan vermeld.
NETTO BEREIK
Het aantal personen uit de doelgroep dat tenminste één maal met de reclameboodschap geconfronteerd is.
NETTO WEEKBEREIK
Het percentage personen (uit de gehele populatie of doelgroep) dat in een periode van een week, binnen een bepaald tijdvak, tenminste een kwartier naar een zender luistert.
POTENTIEEL BEREIK
Het aantal mensen dat de (technische) mogelijkheid heeft, bereikt te kunnen worden door een (radio)zender.
PRE (stichting Platform van Radio Exploitanten)
De stichting Platform van Radio Exploitanten (PRE) is opgericht in januari 2000. Vrijwel alle radiostations die participeren in het Continue Luisteronderzoek (CLO) dat wordt uitgevoerd door onderzoeksbureau Intomart, zijn lid van PRE. De verschillende radiostations hebben hun belangen op het gebied van onderzoek en promotie van het medium radio hierin samengebracht.
RADIOMIX
Het totaal van de verschillende exposuremogelijkheden op radio bijvoorbeeld commercials, audio-boards, promo's en sponsoring.
RADIODAGBOEK
In een radiodagboek staat voor één week alle dagen vermeld. De personen die meedoen met het Continue LuisterOnderzoek van Intomart geven gedurende één week aan op welke kwartieren hij of zij naar de radio heeft geluisterd en naar welke zender.
RADIOPANEL
Het radiopanel bestaat uit 15.000 personen. Deze personen houden een radiodagboek bij. Hierin moeten ze aangeven op welke kwartieren van de dag ze naar de radio hebben geluisterd hebben en naar welk radiostation.
SECONDETARIEF
De kosten van één seconde reclamezendtijd op een radiostation. Dit tarief verschilt meestal per uur, dag, maand en kwartaal.
RESPONDENT
Iemand die zijn / haar medewerking verleent bij een onderzoek, bijvoorbeeld met het beantwoorden van vragen, invullen van een dagboek etc.
STER
Stichting Ether Reclame, verkoop-organisatie van de publieke omroepen.
SUMMO
Samenwerkingsverband voor de Uitvoering van Multimedia Onderzoek. Voorbeelden van onderzoeken die door SUMMO worden uitgevoerd zijn: het Doelgroeponderzoek (gegevens over het aankoop- en consumptief gedrag van respondenten), het Mobiliteitsonderzoek (buitenreclame) en het Tijdsbestedingsonderzoek.
TARIEFKAART
Kaart of brochure waarop de programmering en het tarief per reclameblok per seconde wordt aangegeven. De radiostations brengen meestal vier keer per jaar een tariefkaart uit.
UITZENDSCHEMA
Een schema van de exploitant waarop te zien is op welke dagen en tijdstippen de commercials van een bepaalde campagne te horen zullen zijn. Daarnaast staan ook de bruto en netto kosten vermeld.
VEA
De afkorting voor de Vereniging van Erkende reclame- en Adviesbureaus. Zij behartigt de belangen van reclame- en adviesbureaus.
VISUAL TRANSFER
Het spontaan correct in gedachten terugspelen van de essentiële elementen uit een televisiecommercial. Dit naar aanleiding van het horen van een (grotendeels) identieke radiocommercial.
WASTE
Het aantal personen dat eigenlijk niet tot de primaire doelgroep behoort, maar die je met de radiocampagne wel bereikt. Kan ook gezien worden als het meer contacten met de doelgroep realiseren dan nodig is, of minder contacten met de doelgroep dan eigenlijk was te voorzien. Dit is in alle gevallen een "waste" van geld.
WELSTANDSKLASSE
De welstandsklasse is een indeling van de populatie op basis van de combinatie beroep en opleiding. De indeling geschiedt op basis van het beroep en de hoogst genoten opleiding van de hoofdkostwinner. Iedereen binnen het gezin krijgt de sociale klasse van de hoofdkostwinner. Bij de welstandsklassen geldt dat A de hoogste sociale klasse is en D de laagste.
ZAPGEDRAG
Het gedrag van de luisteraar wat betreft het overschakelen van de ene radiozender naar de andere. Wordt ook wel 'switchen' of 'zappen' genoemd.
ZENDERAANDEEL
Het procentuele aandeel van een radiozender met betrekking tot de luisterdichtheid. Hierbij wordt de totale luisterdichtheid van alle zenders op 100 gesteld.
Bron: Radionieuws.nl - diverse radiostations